museum fur naturkunde berlin 5-2025 1383Schaalmodellen zijn altijd al onontbeerlijk geweest voor de ontwikkeling van de wetenschap. Sommige dingen zijn te klein, complex of kwetsbaar om in het echt te bestuderen, een vergroot schaalmodel maakt het dan mogelijk om opgedane waarnemingen en kennis te visualiseren en over te dragen. Of het nu gaat om modellen van diatomeeën, wiskundige vormen, anatomie of insecten, al eeuwenlang worden hier schaalmodellen van gemaakt en sommige daarvan overstijgen ver het niveau van natuureducatie.

 

museum fur naturkunde berlin 5-2025 1378museum fur naturkunde berlin 5-2025 1377museum fur naturkunde berlin 5-2025 1455museum fur naturkunde berlin 5-2025 1384Eeuwenlang waren was, hout en gips de meest gebruikte materialen om deze modellen  te fabriceren. Gips en hout waren echter minder geschikt voor levensechte anatomische modellen en was, was duur.  Aangezien er in het begin van de negentiende eeuw voor artsen onvoldoende middelen waren om de menselijke anatomie te bestuderen en lijken zeer beperkt houd- en bruikbaar waren, koos men toch vaak voor wassen modellen, zoals die van Sussini. Deze waren echter zeer kostbaar. Dr. Auzoux sprong toen in het gat in de markt en begon anatomische modellen uit papier-maché te maken. Hij was weliswaar niet de eerste die dit deed, maar hij wist deze techniek wel te perfectioneren. De kwaliteit van zijn modellen was zo goed dat de vraag al snel om een fabrieksmatige productie vroeg en lange tijd zetten zijn modellen de standaard.

 

museum fur naturkunde berlin 5-2025 1389museum fur naturkunde berlin 5-2025 1371Louis Auzoux koos destijds voor papier-maché omdat hij dit materiaal kosteneffectief op grote schaal kon gebruiken om in relatief korte tijd meerdere exemplaren van hetzelfde ontwerp te fabriceren. Auzoux (1799-1880) begon in de jaren 20 van de 19e eeuw met menselijke anatomie, maar richtte zich later ook op dieren, planten en insecten. Hij stierf in 1880 maar liet een enorme erfenis aan modellen en technieken na. In de decennia daarna ontwikkelde de wetenschap en de technieken zich verder en kwamen er steeds meer nieuwe materialen tot beschikking, zoals kunststoffen en plastics, toch koos ruim een halve eeuw later een medewerker in het Museum für Naturkunde in Berlijn ervoor om opnieuw papier-maché te gebruiken voor zijn eigen schaalmodellen van insecten.

 

Alfred Keller (1902-1955) was in tegenstelling tot Auzoux niet geïnteresseerd in het commercieel uitbaten van zijn ontwerpen, hij wilde slechts de best mogelijke schaalmodellen maken. Unieke stukken die uitblonken in hun natuurgetrouwheid en aandacht voor detail. Hij begon met boetseerklei, waarvan hij een gipsen mal maakte die hij met papier-maché vulde. Daar stopte hij echter niet, de kleinere details werden met was ingegoten en structuren zoals vleugels en borstels maakte hij uit cellulose en galaliet. Alles werd daarna op kleur gebracht door de modellen met verf te bespuiten en bij te schilderen. Voor de metaalachtige reflecties gebruikte hij bladgoud. Deze werkwijze kostte hem vaak een heel jaar voor slechts één model, allesbehalve een kosteneffectieve manier van werken. Elk model is echter een meesterwerk, een uniek exemplaar waarbij geen enkele moeite werd bespaard in de zoektocht naar perfectie. Zo heeft zijn model van de huisvlieg alleen al 2.653 los aangebrachte borstelharen. Tussen 1930 en 1944 maakte hij op deze manier meerdere modellen voor het museum, die nu symbool staan voor het summum van wat men met het maken van schaalmodellen kan bereiken.

 

Klik hier voor meer foto’s van Kellers fantastische modellen in het Museum für Naturkunde in Berlijn.

 

Lees ook: Clemente Michelangelo Sussini, Gaetano Zumbo’s wassen hoofd, Anatomische modellen, Musée de l'écorché d'anatomie in Le Neubourg en De gorilla van Auzoux in Leiden.