Weblog

Storm Ciara

Sunday, 16 February 2020

s-gravezande 2-2020 1103De laatste westerstorm heeft onze kust aardig beschadigd. Hoewel onze duinen niet echt in gevaar waren, zijn er toch grote stukken strand weggeslagen. Ik heb de zee bij ’s-Gravenzande nog nooit zo dicht bij de duinen zien komen, het strand is op sommige stukken bijna een halve meter lager komen te liggen.  

 

s-gravezande 2-2020 1019s-gravezande 2-2020 1023Lees ook: ’s-Gravenzande, ’s-Gravenzande (2), Het groen in de zee, Bruin schuim aan het strand, Terugtrekkend water en Schelpje op een sokkeltje van zand.

Het oscillogram van een grauwe dag

Saturday, 1 February 2020

oscillogram leijkeven 1-2020Sommige dagen zijn opvallend stil en donker. Zoals laatst bij de Moer, ik was er vroeg op uitgetrokken om wat foto’s van de mist te maken en stond al voor zonsopgang bij het Leikeven. Aan de oever klauwden kale stammen zich vanuit de schaduw op de grond omhoog en een grauwe laag vocht onttrok de zon aan het zicht. De bomen spiegelden zich als een rorschachtest in het water en niets had glans of kleur. Alles voelde stiller, alsof niets wilde opvallen. Afgezien van het trillende ritme van de donkere silhouetten tegen de lucht heb ik niet veel gefotografeerd. Het enige dat echt opviel was de bijna totale afwezigheid van geluid.

 

Geluid kun je niet zien, niet fotograferen. Maar in de wetenschap heeft men wel manieren om geluid zichtbaar te maken. Door middel van een oscillogram kan men de luchtdrukverschillen van geluid in een grafiek weergeven. De geluidssterkte en toonhoogte worden daarin op een rechte tijdslijn aangegeven.

 

Leijkeven 1-2020 0919Leijkeven 1-2020 0918De pieken en dalen van de kale bosrand met hun scherpe weerspiegeling in het water, deden mij aan zo’n oscillogram denken. Ik ben benieuwd als men deze stille grafiek van een grauwe dag terug zou kunnen voeren door een oscillograaf, welk geluid dat zou opleveren.

 

Lees ook: Leikeven en Bodemven De Moer.

Onregelmatige zee-egels (Spatangoida)

Wednesday, 1 January 2020

spatangoida sp. 12-2019 0845Bij onregelmatige zee-egels bevinden de buisvoetjes zich aan de bovenkant van de test, het harde uit platen opgebouwde skelet, en vormen ze een ster. De anus bevindt zich aan de zijkant van het lichaam en wijst altijd naar de achterkant van het dier. De mond bevindt zich aan de onderkant. Bij regelmatige zee-egels  zit de anus aan de bovenkant van de test en lopen de buisvoetjes van de mond aan de onderkant van het lichaam via de zijkant tot aan de anus bovenop het lichaam. Regelmatige zee-egels hebben een radiale symmetrie.

 

Onregelmatige zee-egels hebben een bilaterale symmetrie en een test die uit tien dubbele kolommen van platte platen bestaat. Het skelet is hierdoor niet helemaal afgerond maar heeft duidelijke afgeplatte vlakken die zijn bedekt met kleine knobbeltjes waarop hun stekels zijn vastgehecht door middel van een klein kogelgewricht. Dankzij deze beweeglijke stekels kunnen ze zich voortbewegen, ingraven en kunnen ze een waterstroom om hun lichaam om mee te ademen creëren.

 

spatangoida sp. 12-2019 0841Dit forse (13,5 cm lange) exemplaar is een typische onregelmatige zee-egel en behoort net als onze zeeklit tot de Spatangoida, de zogenaamde hartvormige zee-egels. Omdat hun lichaam aan één kant een indeuking heeft, lijken ze enigszins op een hart. In tegensteling tot de regelmatige zee-egels hebben ze geen lantaarn van Aristoteles (een gespecialiseerd kauwapparaat dat bestaat uit vijf piramidevormige kaken met scherpe tanden) en is hun mond schepvormig. Ze nemen grote hoeveelheden substraat op en schrapen daar de eetbare organische bestanddelen vanaf.

 

Lees ook: Zeeklit (Echinocardium cordatum), Zanddollar, Colobocentrotus atratus en Groene zee-egel (Strongylocentrotus droebachiensis).

Trekduif op een stokje (Ectopistes migratorius)

Thursday, 5 December 2019

trekduif (Ectopistes migratorius) 4-2018 5237Deze duif wordt vaak als voorbeeld genomen van een diersoort die door toedoen van de mens in slechts 50 jaar tijd van het toneel is verdwenen. De trekduif kwam in Noord-Amerika, voor de komst van de Europese kolonisten, in astronomische aantallen voor. Schattingen variëren tussen de 3 en 5 miljard vogels. Toen er in 1866 een zwerm over Ontario trok, werd de hemel verduisterd en duurde het 14 uur voor de hele zwerm was gepasseerd. Er werd in die tijd schaamteloos door de kolonisten op deze vogels gejaagd. Men schoot ze voor de lol en voor voedsel massaal uit de hemel. Met slechts één gericht schot van een dubbelloops bracht men vaak meer dan zestig vogels neer. Trekduiven werden op de markt dan ook vaak voor minder dan 50 cent per dozijn verkocht. In Petoskey Michigan dode men eens vijf maanden achter elkaar 50.000 vogels per dag. Deze gewetenloze jachtpartijen hebben samen met ontbossingen de trekduif de das om gedaan. Het laatste exemplaar stierf op 1 september 1914. Ze viel van haar stokje in de Cincinnati Zoo and Botanical Garden.

 

Toen deze vogels nog voorkwamen moet het een ongekend spektakel zijn geweest om ze te zien overtrekken. Ik kan me het geluid dat zo’n zwerm produceerde maar amper voorstellen. Als ze van hun nestgebieden vertrokken, waren alle bomen, struiken en grond onder een dikke laag uitwerpselen bedekt. Het moet een overweldigend beeld zijn geweest.

 

Momenteel zijn er nog 1532 (dode) exemplaren over, de meeste kun je vinden in musea, opgevuld met stro en zittend op een stokje.  Af en toe staat er op een klein kaartje bij dat ze zijn uitgestorven door toedoen van de mens. Ter verduidelijking dat “de mens” dus iets is dat een soort zomaar kan overkomen.

 

Dit paartje kijkt vanaf hun stokje naar de schier eindeloze stoet mensen die dagelijks in het Natural History Museum in Londen langs hun vitrine trekken. Er komen jaarlijks zo’n 5 miljoen bezoekers naar dit museum. Zelfs met die enorme aantallen zou het dus toch nog 1000 jaar duren voor er evenveel mensen langs de vitrine zijn gelopen, als er voor “de mens” in Noord-Amerika aan trekduiven leefden. 

 

Lees ook: De lichte schedel van een neushoornvogel, Zo licht als een vogeltje en Het pijltje bij de neusgaten van Apteryx.

Natuurvrienden en footprints

Wednesday, 27 November 2019

Via mijn site krijg ik regelmatig vragen van mensen waar ik mijn foto’s heb gemaakt. Het gaat dan meestal om Urbex locaties, en via de mail lijken deze mensen oprecht en geïnteresseerd. Maar meerdere malen heb ik gemerkt dat ze maar op één ding uit zijn, namelijk de locatie. Zodra ze die binnen hebben, hoor je nooit meer wat van ze en worden deze locaties binnen de kortste keren met hun hele netwerk gedeeld. En lang niet iedereen van dat netwerk staat achter het Urbex motto: “take nothing but pictures, leave nothing but footprints”. Met als gevolg dat de locatie wordt platgelopen en leeggeroofd.

 

inktviszwam (Clathrus algeri) 11-2019 0362Maar bij sommige locaties is zelfs het achterlaten van een voetafdruk al teveel. Ik krijg namelijk ook verzoekjes om locaties waar ik mijn natuurfoto’s heb gemaakt. De laatste keer dat ik zo’n locatie heb gedeeld, ging het om een plek waar meerdere intviszwammen stonden. Via de mail gaf iemand mij te kennen dat hij een echte natuurvriend was, voor een school werkte en daar graag zelf ook wat foto’s wilde maken om in zijn lessen te kunnen gebruiken. In mijn naïviteit heb ik toen in detail gedeeld waar deze paddenstoelen stonden. Ik dacht er iemand mee blij te maken en een echte natuurvriend zou toch minstens net zo zorgvuldig en respectvol met de natuur omgaan als ikzelf. Het natuurvrienden motto is namelijk hetzelfde als dat van Urbexers, maar dan nog uitgebreid met: “kill nothing but time”. Het zou dus wel goed zijn, althans dat dacht ik.

 

Tot ik vorige week zelf naar die locatie terug ging. Normaal gesproken kwam er niemand en was hij onaangetast, maar nu leek het wel een arena, er liep een breed platgetrapt pad naar toe, er waren meerdere zwam-eieren dwars en overlangs doormidden gesneden, om de binnenkant te kunnen fotograferen, en overal waren er paddenstoelen vertrapt. Het leek alsof er een hele excursie was langsgekomen en het merendeel van de locatie was zwaar beschadigd, het is dus nog maar de vraag of er volgend jaar überhaupt nog inktviszwammen staan.

 

inktviszwam (Clathrus algeri) 11-2019 0371inktviszwam (Clathrus algeri) 11-2019 0363inktviszwam (Clathrus algeri) 11-2019 0360inktviszwam (Clathrus algeri) 11-2019 0374Dit was dus echt de allerlaatste keer dat ik, met wie dan ook, dergelijke informatie deel, je kunt mensen er gewoonweg niet mee vertrouwen, zeker zelfbenoemde natuurvrienden niet.

 

Lees ook: Intviszwam en Inktviszwam (2) (Clathrus algeri).

Sombere honingzwam (Armillaria ostoyae)

Tuesday, 26 November 2019

sombere honingzwam (Armillaria ostoyae) 9-2019 0380Deze zwam vind je vaak in bundels op houtstronken. Ze zijn heel algemeen en herkenbaar aan de geel tot vleeskleurige hoed met afwisbare schubjes. De steel heeft overlangse vezels en een dikke ring. De sombere honingzwam dankt zijn aanduiding “somber” aan de donkere vlekjes op de hoed en steel. De zwam is giftig maar deze gifstoffen zijn oplosbaar in water en niet bestand tegen hitte. Mits voorgekookt en gebraden is hij  dus wel voor consumptie geschikt.  De sombere honigzwam lijkt op de echte honingzwam, maar daarvan is de hoed geler en minder geschubd. Ze worden ook wel eens verward met de Schubbige bundelzwam, maar die is strogeel, heeft een rafelige hoed en geen ring.

 

sombere honingzwam (Armillaria ostoyae) 11-2019 0448sombere honingzwam (Armillaria ostoyae) 10-2017 7444Het mycelium van de sombere honingzwam dringt in het hout van de boom binnen en verspreidt zich via wortelvormige mycelium-draden (rizomorf, enigszins vergelijkbaar met worstelstokken bij planten) over grote afstanden onder de bast en tussen verschillende bomen. Op die manier  kan hij tot een enorm organisme uitgroeien. Eén van deze zwammen heeft dan ook de eer het grootste levende organisme ter wereld te zijn. In het Malheur National Forest in Amerika is er een exemplaar ontdekt van ca 2400 jaar oud (!) met een ondergronds mycelium van 9,6 km². Dit exemplaar heeft een geschat gewicht van 31.000 ton en heeft dan ook de terechte bijnaam Humongous fungus gekregen.

 

Klik hier voor meer berichten over paddenstoelen.

Gerestaureerde bijl no. 2

Sunday, 24 November 2019

GRB-2 11-2019 0717Omdat ik nog een botte oude bijl had liggen, heb ik deze na mijn vorige restauratie-project ook maar gelijk onder handen genomen. Deze bijlkop woog oorspronkelijk 600 gram, was rood beschilderd, had erg veel blutsen en deuken en was behalve bot, ook behoorlijk verroest. De kop heeft nu een nieuw profiel gekregen: de lijnen zijn zachter en de snijhoek van de snede is een stuk scherper.

 

GRB-2 11-2019 0694GRB-2 11-2019 0697De nieuwe steel is van esdoornhout, de nerf loopt parallel aan het bijlblad en in een rechte lijn door de hele steel. Meestal kiest men essenhout voor bijlstelen maar enkele van de oudste bijlen die men in Nederland heeft gevonden hadden een steel van esdoorn en deze houtsoort wordt ook steeds vaker gebruikt voor honkbalknuppels. Esdoornhout is iets minder flexibel dan essen, maar wel een stuk harder.

 

GRB-2 11-2019 0706GRB-2 11-2019 0719GRB-2 11-2019 0683GRB-2 11-2019 0708De vorm van de steel is geïnspireerd op die van een menselijk onderbeen. De steel is bewust kort gehouden. Hierdoor kun je niet met zoveel kracht uithalen als bij een langere steel, maar is hij wel een stuk makkelijker te hanteren. Het gemis aan kracht wordt door de slanke scherpe snede compenseerd omdat deze makkelijker in het hout bijt. Esdoornhout is van nature mooi licht, maar verkleurt snel geel als deze met olie wordt behandeld.  Door hem met een transparante witte beits te behandelen, behoudt hij zijn fraaie witte kleur. Al met al is het een prettig in de hand liggende bijl geworden die zelfs met weinig kracht toch veel gedaan krijgt.

 

De bijl weegt 712gram, is 34cm lang en heeft een snede van 9,2cm.

 

Lees ook: Gerestaureerde bijl.

Amethistzwam (Laccaria amethystea)

Sunday, 24 November 2019

amethistzwam (Laccaria amethystea) 9-2019 0313Deze opvallende fopzwam kom je vooral tussen mos tegen. Hij groeit op allerlei bodems en is zeer algemeen. Hij onderscheidt zich van veel andere op elkaar lijkende fopzwammen door zijn paarse, violette kleur. De hoed kan 1 tot 6 centimeter breed worden en heeft aan de steel aangehechte lamellen. De lange dunne steel heeft dezelfde kleur als de hoed en is meestal vezelig.

 

amethistzwam (Laccaria amethystea) 9-2019 0317amethistzwam (Laccaria amethystea) 9-2019 0307In het Engels noemt men deze paddenstoel amethyst deceiver, omdat door de tijd de kleur verweert en hij daardoor steeds moeilijker wordt te determineren. Als de paddenstoel verdroogt,  wordt hij steeds witter.

 

Als mycorrhiza-paddenstoel leeft hij samen met beuken en eiken en soms ook met naaldbomen. Hij schijnt eetbaar te zijn, maar omdat hij lijkt op het gewone elfenschermpje, dat giftig is en voor darmstoornissen kan zorgen, kun je hem toch maar beter laten staan. Daar komt nog bij dat deze zwam het vermogen heeft om arsenicum uit de bodem op te slaan en je weet natuurlijk nooit goed hoe het met de bodem waarop hij groeit is gesteld. Omdat de amethistzwam extra uitbundig groeit op grond waarin ammonia of andere stikstoffen zitten, zullen we deze toch al algemene zwam in Nederland waarschijnlijk steeds vaker gaan zien.

 

Lees ook: Schubbige fopzwam (Laccaria proxima).

Witte taailing (Marasmius epiphyllus)

Sunday, 24 November 2019

witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0515Deze tere en minuscule paddenstoeltjes groeien in loofbossen op dode takjes of op de nerven van dode bladeren. Het hoedje is slechts een paar millimeter tot 1 centimeter breed en doorschijnend wit. De ver uit elkaar staande lamellen liggen als plooien straalsgewijs om de steel. Het paddenstoeltje wordt slechts enkele centimeters hoog en de aanvankelijk witte steel wordt verkleurd vanaf de voet geelbruin.

witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0523witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0521witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0529witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0532

De hoed kan, na verdroging, bij regen weer opleven en je vindt deze kleine plaatjeszwammen vaak in groepjes bij elkaar op de natte bosgrond.

 

witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0591witte taailing (Marasmius epiphyllus) 11-2019 0580Het genus Marasmius is beschreven door Elias Magnus Fries, in 1938 plaatste hij plaatjeszwammen met witte sporen die na uitdroging opnieuw opleefden nadat ze nat waren gemaakt in deze groep. Hiermee onderscheiden ze zich van paddenstoelen die verrotten. Voor hem was het onderscheid tussen paddenstoelen die wel of niet verrotten een belangrijke classificatie-verschil. Dit onderscheid wordt door huidige mycologen echter niet meer als betrouwbaar gezien, maar ze hebben dit genus wel de oorspronkelijke naam laten houden . De naam marasmius komt van het Griekse marasmos: uitdrogen.