Weblog

Schorpioenvlieg (Panorpa communis)

donderdag, 26 juni 2014

schorpioenvlieg (Panorpa communis) 6-2008 1257schorpioenvlieg (panorpa communis) 5-2011 7260Schorpioenvliegen behoren tot één van de oudste insectenfamilies (Mecoptera-langvleugeligen, waarvan de schorpioenvliegen de grootste vertegenwoordigers zijn) die een volledig gedaanteverwisseling ondergaan.  Het vroegst bekende fossiel is 250 miljoen jaar oud. Mecoptera zijn verantwoordelijk voor veel andere afgetakte insectenfamilies, zoals vlooien, vliegen en muggen. De eerste Mecoptera-soorten behoorden waarschijnlijk ook tot de allereerste plantenbestuivers. Mecoptera zijn als primitieve insecten nog steeds herkenbaar aan hun gelijke voor- en achtervleugel  en eenvoudig aderpatroon. De mannetjes van de schorpioenvlieg hebben aan het uiteinde van hun staart een verdikte omhoog gekrulde tang, waar de soort haar naam aan dankt. De vrouwtjes missen deze tang en hebben een roodachtig verlengd achterlijf. Het mannetje gebruikt zijn tang om tijdens de paring het vrouwtje vast te grijpen. Als een mannetje een vrouwtje met de lokstof, die hij uit een orgaan uit zijn achterlijf produceert, naar zich toe heeft weten te lokken, probeert hij met haar te paren. Als zij direct bereid is, biedt hij haar meestal een prooi als bruidsgeschenk aan. Anders spuugt hij eerst een slijmerige massa uit. Die vinden de vrouwtjes zo lekker dat ze er direct van beginnen te eten. Normaal gesproken zou het mannetje haar zijn kots als bedankje tijdens of na de paring aanbieden, hij gebruikt het echter ook wel eens om een onwillig vrouwtje te overreden. Terwijl het vrouwtje ervan smult kan hij namelijk alvast met de paring beginnen. Als ze dan nog steeds tegenstribbelt houdt het mannetje haar met zijn tang in een stevige greep en zet toch door.

 

De eitjes worden met de ovipositor van het vrouwtje in de bodem gelegd. Deze eitjes nemen vocht uit de bodem op en zwellen op. De larven leven in gangen onder de grond waar ze zich voeden met dode insecten en plantaardig materiaal. Ze zijn na ongeveer een maand al volgroeid en vervellen in een holletje onder de grond tot een prepop. Ze maken hiervoor geen cocon maar liggen los in de bodem. Deze bewegingsloze prepop ontpopt zich in het algemeen tussen de 1 - 2 maanden maar kan als de omstandigheden ongunstig zijn ook een diapauze ingaan.

 

schorpioenvlieg (panorpa communis) 7-2009 5482Schorpioenvliegen voeden zich met aas, kleine insecten en honingdauw. Ook zijn ze in staat om een verse spinnenprooi uit diens web te roven. Door het uitscheiden van een darmsap voorkomt de schorpioenvlieg dat hij zelf aan het web blijft plakken. Zo worden ongeveer 2,5 cm groot en zijn niet schuw. Je vindt ze vaak tussen mei en september op lage begroeiing en vochtige beschaduwde plekken. Ondanks hun lange zuigsnuit en gevaarlijk uitziende tangen, kunnen ze niet steken en zijn ze voor de mens onschadelijk.

300: Rise of An Empire (2014)

dinsdag, 24 juni 2014

300 rise of an empireDeze film is een zinloze herhalingsoefening met mindere acteurs. Je moet je door eindeloze vechtscènes heen worstelen om nog iets van een verhaallijn terug te vinden. De acteurs kijken gepijnigd door buikkramp (van het continu aanspannen van hun buikspieren) zo stoer mogelijk om zich heen terwijl ze in de tussentijd de grootst mogelijke onzin uitkramen alsof het Shakespeare is. Door de actiescènes in slow motion te draaien haalt de regisseur niet alleen alle spanning uit de gevechten maar legt hij ook nog eens de nadruk op de gebrekkige choreografie en de nu al achterhaalde speciale effecten. Het enige pluspunt van deze film is dat je Eva Green haar borsten te zien krijgt, maar helaas is zelfs dat niet de zit van 102 minuten waard.

Luisita Leers

zondag, 22 juni 2014

Luisita Leers portretLuisita Leers trapezeLuise Krökel maakte in de jaren dertig van de vorige eeuw als Luisita Leers furore met haar trapeze-act. Ze was een professionele sterke vrouw en acrobatrice, geroemd om haar elegantie en kracht. Ze werd op 14 oktober 1909 geboren. Haar vader verliet haar toen ze twee was en ze werd opgevoed en getraind door Guido Krökel, een trapeze contortionist die bekend stond met zijn act waarin hij acrobatiek met krachttoeren combineerde. Al op jonge leeftijd gaf Luise blijk van grote kracht en spiercontrole.  Zo kon ze als 11 jarige al een eenarmige plank en een Romeins kruis uitvoeren, twee lichamelijke zware oefeningen die normaal alleen aan mannen waren voorbehouden. In 1926 begon ze aan haar solocarrière en werkte ze bij verschillende gerenommeerde circussen en variétés, zoals Ringling brothers en Barnum & Bailey.

 

Ondanks haar enorme kracht had ze een mooi en elegant lichaam. Ze werkte zonder net en liet de grootste krachtinspanningen en halsbrekende toeren er gemakkelijk uitzien. Met haar zachte glimlach won ze de harten van menig toeschouwer. Er waren meerdere vrouwen die leefden van hun fysieke kracht. Velen daarvan werkten bij het circus en worstelden met mannen of verbogen ijzeren staven. Meestal werden ze als een curiositeit of manwijf tentoongesteld. Luise werd echter ook geroemd om haar elegantie en schoonheid, zij wist spieren er sexy uit te laten zien. Luise bewees dat een sterke en atletische vrouw ook mooi kan zijn.

Zelfoverschatting

donderdag, 19 juni 2014

Een onderzoek naar hoe mensen hun eigen rijgedrag inschatten leert dat nagenoeg iedereen zichzelf een bovengemiddelde weggebruiker vind, en dat kan natuurlijk niet. Gemiddeld zou het op een gemiddelde moeten uitkomen en niet op een bovengemiddelde. Het blijkt dat mensen hun eigen prestaties vrijwel altijd hoger inschatten. Het gras mag bij de buurman dan groener zijn, slimmer, aantrekkelijker en handiger is hij niet. Dat zijn we zelf nog altijd het meest. Als je iemand vraagt hoeveel hij drinkt, onderschat hij dat, als je iemand vraagt hoe gezond hij eet, overschat hij dat. We doen massaal aan zelfoverschatting en houden daarmee vooral onszelf voor de gek. Volgens veel psychologen komt dit omdat we onszelf onbewust tegen depressies willen beschermen. Dat zou betekenen dat we met z’n allen eigenlijk veel minder slim, aantrekkelijk en capabel zijn als we eigenlijk denken, en dat is inderdaad best wel een deprimerende gedachte. 

 

Lees ook: Superbia

Koraalbladroller (Ptycholoma lecheana)

dinsdag, 17 juni 2014

koraalbladroller (Ptycholoma lecheana) 5-2014 9495Ik heb heel wat moeite moeten doen om er achter te komen welke vlinder dit was. Ik had de pop in mijn tuin gevonden en de vlinder die eruit kwam direct na het ontpoppen gefotografeerd. Het is niet echt een kleine vlinder, zijn spanwijdte is 22 mm. Toch is het een zogenaamde microvlinder, een vlindersoort waar helaas weinig goede determinatiegidsjes van zijn te krijgen. Grof gezegd behoren grote vlinders tot de bekende en populaire macrovlinders en kleine vlinders tot de minivlinders of microlepidoptera. Er bestaan echter ook kleine macro- en grote micro-vlinders. Microvlinders leggen in het algemeen in rust hun antennes over hun borststuk, terwijl macrovlinders ze over hun vleugels plaatsen. Ook zijn hun antennes dunner en draadvormig. Verder hebben microvlinders lange dunne poten met opvallende sporen en dragen hun vleugels vaak een franje aan de achterrand. Ook tussen de rupsen zijn er verschillen. De rups van een microvlinder kan, als hij wordt verstoord, snel achteruit lopen, die van een macrovlinder niet.

 

pop van koraalbladroller (Ptycholoma lecheana) 5-2014 9500De koraalbladroller (Ptycholoma lecheana) is een zogenaamde dagactieve nachtvlinder. Hij behoort zoals zijn naam al zegt tot de bladrollers. Je vindt de vlinders meestal tussen lage vegetatie en struiken. De rupsen van deze vlinders voeden zich tussen opgerolde of opgevouwen bladeren. De zwarte pop hangt met een paar haakjes en enkele spinseldraden aan de waardplant. De vlinder heeft, als hij net is ontpopt, nog bijna al zijn schubben. Veel zullen er echter al binnen een paar dagen afvallen, waardoor er enkele zilvergrijze banden en vlekken op zijn vleugels en borststuk tevoorschijn komen. Afhankelijk van hoe oud hij is, zijn er dus meerdere kleur- en tekeningcombinaties mogelijk.  

 

Lees ook: Groene Knopbladroller (Hedya nubiferana) en Microlepidoptera.

Jizai Okimono

zondag, 15 juni 2014

jizai okimono kreeftToen in Japan tijdens het Tokugawa Shogunaat van de late Edo periode (begin 18e eeuw) de vraag naar harnassen en wapens terugliep, zochten de wapen- en edelsmeden iets om zich mee bezig te houden. Ze vonden hernieuwde inspiratie in de natuur en begonnen allerlei dieren in ijzer, koper en hout na te maken. Schaaldieren en insecten waren, vanwege hun uitwendige skelet, de meest voor de hand liggende onderwerpen, maar men fabriceerden ook vissen, kikkers, slangen, vogels en draken. Deze kunst van Jizai Okimono (vrij vertaald: vrij beweeglijk decoratief voorwerp) ligt niet alleen in het feit dat het dier natuurgetrouw en op schaal wordt nagemaakt maar dat ook al zijn gewrichten op een natuurgetrouwe manier kunnen bewegen. De losse onderdelen van deze gewrichten kon men soms zelfs uit elkaar halen en weer opnieuw monteren. De kreeft was, vanwege zijn complexe en beweeglijke structuur, een geliefd onderwerp en een goed nagemaakte kreeft werd vaak als teken van vakmanschap gezien. De Jizai Okimono werden zo populair dat men ook luxere uitvoeringen in shibuichi (koper- en zilverlegering), shakudo (koper- en goudlegering), zilver of ivoor ging vervaardigen. Deze kunstvorm strekte zich tot ver in de Meji-periode uit en ook nu nog zijn er kunstenaars die zich met deze specifieke en moeilijke vorm van beeldhouden bezighouden.

 

jizai okimono 2jizai okimono1Zelf vind ik van alle Jizai Okimono de kevers het mooist. Kevers hebben altijd al een aparte plaats in de Japanse cultuur ingenomen en vooral de vliegende herten (Lucanidae) worden erg gewaardeerd. Sommige rijke zakenlui hebben als statussymbool op hun kantoor een zo’n groot mogelijk levend exemplaar en de handel in levende kevers is nergens zo groot als in Japan. Nu zien veel kevers er van natura al uit alsof ze van brons of ijzer zijn gemaakt. Het was dan ook een kleine stap om deze fascinerende dieren als model te nemen. Toch is het verbazingwekkend hoe natuurgetrouw deze kleine Jizai Okimono zijn en hoe hun beweeglijkheid precies die van hun levende voorbeelden spiegelen.

 

Lees ook: Edouard Martinet en Oritsunagumono.

Kleine populierenboktor (Saperda populnea)

donderdag, 12 juni 2014

kleine populierenboktor (saperda populnea) 5-2014 9438kleine populierenboktor (saperda populnea) uitvlieggat 5-2014 9448Deze slanke boktor lijkt enigszins op een distelbok, zijn dekschilden hebben echter 3 tot 5 gele vlekken waar hij makkelijk aan is te herkennen. Ze ontwikkelen zich in ratelpopulieren. Een vrouwtje knaagt hiervoor eerst een hoefijzervormig litteken in de bast van een twee centimeter dikke populierentak en legt daarna haar eitje in een iets dieper gat daaronder. Tijdens het knagen produceert de kever een galopwekkende stof die in het litteken wordt achtergelaten. De larve eet daarna van het zachte kallusweefsel maar moet ervoor zorgen daar niet door overwoekerd te worden. Langzamerhand ontstaat er een kankerachtig hard gezwel en de volgroeide larve knaagt zich dieper in het hout om te overwinteren. Zij verblijft twee winters in het hout en verpopt dan. Je kunt bij ratelpopulieren aan de verdikkingen goed zien dat er zich kleine populierenboktorren in hebben ontwikkeld.  

 

Lees ook: Gevlekte Dennenboktor (Raghium bifasciatum) en Distelboktor (Agapanthia vilosoviridescens).

Regenboog

dinsdag, 10 juni 2014

regenboog 6-2014 9832

Non-Stop (2014)

maandag, 9 juni 2014

nonstopNon-Stop is het bewijs dat je geen fantastisch script of groots budget nodig hebt om een vermakelijke film te maken. Liam Neeson is een air-marshall die op een vlucht te maken krijgt met een onbekende terrorist die het op hem heeft gemunt. Er zitten voldoende plotwendingen en actiemomenten in de film om je aandacht moeiteloos bij het verhaal te houden. Pretentieloos vermaak, vlot verteld en vaardig geacteerd.

Berkenbladroller (Deporaus betulae)

zaterdag, 7 juni 2014

berkenbladroller (Deporaus betulae) 5-2014 8860berkenbladroller (Deporaus betulae) 5-2014 8854Momenteel zie je in veel berkenbomen kleine bladsigaren hangen. Deze zijn gemaakt door een klein kevertje van amper 3 tot 5 mm groot. De berkenbladroller of berkenbladrolkever (Deporaus betulae) knaagt hiervoor als eerste een blad een paar mm van de bladvoet af tot op de nerf door.  Daarna slaat ze de bladrand van een helft van het onderste gedeelte van het blad om en rolt ze dit naar de bladnerf toe. Vervolgens rolt ze de andere bladhelft daar omheen zodat er een sigaar ontstaat. Met haar snuit maakt ze aan de binnenkant van dit blad enkele kleine bekertjes in de opperhuid waarin ze 1 tot 6 eitjes legt. De bladrol zelf sterft langzaam af, deze wordt bruin en valt uiteindelijk op de grond. Daar zullen de larven zich verpoppen.

 

sigaar van berkenbladroller (Deporaus betulae) 5-2014 8841In het volgende voorjaar kruipen de jonge berkenbladrollers uit het sigaartje en klimmen in hun voedselboom. De mannetjes onderscheiden zich van de vrouwtjes met hun hoekigere schouders en bredere, opgezwollen femora (dijen) van de achterpoten.