thiomargarita namibiensisZoals elke rechtschapen man je kan vertellen is het niet altijd gemakkelijk om de grote van iets te bepalen. Gaat het alleen om de lengte of is ook de dikte belangrijk. Of zijn juist het volume en het gewicht de enige juiste maatstaf? Omdat ik nieuwsgierig was naar de soort met het grootste verschil tussen de kleinste en de grootste vertegenwoordiger heb ik me maar tot de lengte beperkt, gemeten van kop tot staart.

 

Het kleinste zoogdier, de Thaise vleermuis (Craseonycteris thonglongyai) is slechts 3cm groot en verhoudt zich tot het grootste zoogdier, de Blauwe vinvis die 33,60 mtr lang kan worden, als 1:1.120. De allerkleinste kever (Scydosella musawasensis) is slechts 0,3 mm groot. De grootste kever, een boktor (Titanus giganteus) kan tot 20cm groot worden. Zij verhouden zich dus als 1:667. Als we het kleinste insect, een miniwespje (Dicopomorpha echmepterygis) van slechts 0,139 mm met de grootste wandelende tak (Phobaeticus serratipes) van 56,7 cm lang vergelijken verhouden deze zich zelfs als 1:4.079. Het allerkleinste bloeiende plantje is een Eendekroos, deze verhoud zich met zijn 0,6cm tot de 83,8 mtr hoge Reuze sequoia als 1:14.000. Het record van de soort met het grootste verschil tussen de kleinste en de grootste vertegenwoordiger gaat echter naar de bacteriën. De allerkleinste bacterie is slechts 400nm groot terwijl de allergrootste bijna met het blote oog is te zien, de Thiomargarita namibiensis wordt namelijk 0,75mm groot. Deze verhouden zich dus als 1:18.750. Als we de nanobacteriën of nano’s als levend stellen (de wetenschappers zijn het daar nog niet helemaal over eens) dan zouden ze zich met hun 200nm of zelf 100nm verhouden tot 0,75mm als 1:37.500 of zelfs 1:75.000. Alsof een mens naast 365 op elkaar gestapelde Empire State Buildings zou staan.

 

lees ook een vlo op een vlo