Het Nederlands kent veel kleine woordjes waarmee we de betekenis van een zin kunnen sturen. Woordjes waarvan de betekenis zelf vaak moeilijk is te omschrijven maar zonder welke een zin al snel bot of kaal overkomt. Deze “smeer-woordjes” laten de communicatie vlotter verlopen en zijn in staat om een breed scala van gevoelens uit te drukken. We noemen deze woordjes “modale partikels” en dit zijn woordjes zoals; dan, nou, toch, maar, wel, eens en even.

 

“Hou je mond nou toch eens even”, “Hij heeft ook eens een goed idee” of “Ik heb toch maar mooi opgeruimd” klinken zonder de modale partikels heel anders. Het blijkt dat het Nederlands in vergelijking tot andere talen ongelooflijk veel van dit soort woordjes kent. Sommige mensen gebruiken ze zelfs zo vaak dat als ze deze woordjes weg zouden laten er geen zinnig woord meer overblijft.