Weblog

Cavia

maandag, 16 mei 2011

cavia (cavia porcellus) 3520Sommige van mijn kennissen hebben cavia’s. Ik heb onlangs een weekje voor zo’n beestje mogen zorgen. Ze doen echter niet veel. Ze knagen soms wat aan een stronk andijvie en verwerken deze dan tot veel meer keutels dan de andijvie alleen zou kunnen verklaren. Ze bewegen niet, maken amper geluid en reageren nagenoeg niet op mensen. Ik heb ze regelmatig op ademhaling gecontroleerd, het zal je tenslotte gebeuren dat zo’n huisdiertje net dood gaat als jij er voor zorgt. Maar ze zitten zo onder het haar dat ik geen hartslag, ademhaling of enig uiterlijk teken van leven kon ontdekken. Wat dat betreft is het goed dat ze non-stop keutelen dan weet je tenminste dat ze nog leven. Als je hun haarmatje (aan de voorkant, dus de kant die niet keutelt) enigszins opzij veegt kom je twee glanzend zwarte oogjes tegen. Deze bewegen en knipperen niet. Het zijn kleine zwarte kraaltjes zonder oogwit, ze kijken ermee naar een niet nader te bepalen hoek in de kamer. Al met al spreekt er meer intelligentie en leven uit de plastic oogjes van mijn zoons knuffelbeer dan uit die van een cavia. Samenvattend kun je stellen dat cavia’s alleen maar kunnen keutelen. Alsof ze zichzelf bewust zijn van hun eigen nutteloosheid draaien ze zich af en toe eens om en eten ze hun eigen keuteltjes weer op. Dit is dan ook de enige verklaring die ik heb kunnen vinden voor het fenomeen dat cavia’s blijkbaar uit het niets meer keutels kunnen produceren dan alleen met de inname van hun voedsel valt te verklaren.

 

Je zou je dus kunnen afvragen waarom cavia’s überhaupt ooit gedomesticeerd zijn. Dit is lang geleden door de Inca’s gedaan. Ook nu nog worden cavia’s in landen als Peru gehouden. Hier leven ze in een gat in de vloer waar ze de restjes van hun baasjes te eten krijgen. Als de cavia dan enigszins is gemest wordt hij gekeeld en bereikt hij zijn uiteindelijke nut. Als maaltijd. Ze schijnen naar varken te smaken. Vandaar waarschijnlijk ook hun naam, Guinees biggetje.

lees verder...

Droomvliegen

maandag, 16 mei 2011

Wetenschappers hebben ontdekt dat het vliegvermogen van insecten is ontstaan vanuit zwembewegingen. Insecten kunnen vliegen omdat zij “zwembewegingen” in de lucht maken. Toen ik dat las trok er een golf van herkenning door mijn borst en benen, ik had het altijd al geweten. Geweten en niet gedacht!

Als kind had ik nog het vermogen om te dromen dat ik kon vliegen, iets wat ik op latere leeftijd helaas ben verleerd. Naarmate ik ouder werd kwamen deze dromen steeds minder tot ze op een gegeven moment zo schaars werden dat ik dit droomvermogen volkomen ben vergeten.

 

Ik begon altijd met een klein sprongetje in de lucht, deze eerste afzet was belangrijk. Als de afzet niet krachtig genoeg was kwam ik niet hoog genoeg om van de grond los te komen. Als ik het te snel deed had ik geen tijd meer om mijn benen te spreiden voor de eerste beenslag. Die eerste paar beenslagen (rondje, kontje, boem) zorgen voor de belangrijkste stijging. Het was watertrappelen van Olympische proporties. Dit koste enorm veel kracht en concentratie maar als ik eenmaal op een bepaalde hoogte kwam kon ik een beetje naar voren leunen en overgaan op schoolslag. Hierbij verloor ik soms weer hoogte en dan moest ik weer even watertrappelen om niet neer te storten. Meestal vertrok ik vanaf de galerij op de vierde verdieping, voor mijn slaapkamer. Omdat ik alleen kon vliegen als ik sliep was het altijd donker als ik vloog. Maar dat vond ik niet erg. Het zag er nog niet helemaal soepel uit en ik wilde niet dan men mij zou uitlachen. Als de wind goed stond vloog ik over de sloot heen naar het parkje achter onze flat. Daar kon ik dan over de donkere bomen heen naar de andere flats toe vliegen. Soms ging het zo goed dat ik zelfs langs de verlichte woonkamerramen van deze 14 verdiepingen hoge flats kon vliegen. Als ik geluk had kon ik dan ongezien naar binnen kijken. Maar het was hard werken en ik hield het nooit lang vol, na enkele minuten moest ik alweer terug anders had ik niet meer genoeg energie over om op mijn galerij te kunnen landen. Als dat niet lukte moest ik namelijk met de trap omhoog en beneden bij de ingang stonden altijd vervelende jongens met brommers die me pestten. Als het even kon ging ik dus liever niet alleen met de trap. De volgende ochtend was ik bekaf en meestal ook behoorlijk bezweet, van de inspanning natuurlijk.

Vliegen kost veel energie.

lees verder...

Dode duinhagedissen

zondag, 15 mei 2011

dode duinhagedis castricum 05-2011 3146In het Noord-Hollandse Duinreservaat kwam ik een flink aantal dode duinhagedissen tegen. Allemaal waren ze zichtbaar verwond, vermoedelijk door een vogel. Normaal zijn ze groen gekleurd met een bruine rugstreep. Sommige van deze hagedissen hadden een duidelijke blauwe kleur. Vaak werd er gedacht dat dit een aparte kleurenvariëteit is. Hagedissen kunnen als ze dood zijn echter blauw verkleuren. Dit gebeurt meestal onder invloed van zonlicht.

lees verder...

Schelpjes

zaterdag, 14 mei 2011

schelpen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

klik hier voor meer schelpjes

lees verder...

Horizon

zondag, 8 mei 2011

Aan zee ligt de horizon altijd hoger dan je hem verwacht. Alsof de zee vanaf de scheidslijn tussen water en zand niet vlak ligt, maar schuin omhoog kantelt naar de hemel.

lees verder...

Stippelmotten

zondag, 8 mei 2011

In de duinen van het Noord Hollands Duinreservaat kom je nu erg veel spinsels van Stippelmotten tegen. Soms zie je hele struiken of duinzijden die zijn bedekt onder hun grijszilver web. De rupsen van deze Spinsel- of Stippelmotten (Yponometidae) eten onder een sterke zijden tent alle bladeren van de struik voor ze zich verpoppen. Dit web is buitengewoon taai en beschermd ze tegen roofdieren zoals vogels.

 

Stippel- of Spinselmot is een verzamelnaam voor een grote familie van sterk op elkaar lijkende kleine vlinders. In de duinen leven er veel op de kardinaalsmuts of vogelkers maar er zijn er ook die meidoorn, sleedoorn, appel of peer als voedselbron gebruiken. Deze rupsen vreten in het voorjaar een dergelijke struik helemaal kaal. Sommige van deze vlindersoorten verpoppen zich onder de grond. Anderen kruipen bij elkaar op de voedselplant en spinnen zich daar in. De rupsen die niet genoeg voedselreserve hebben om zich te kunnen verpoppen gebruiken hun laatste energie om dit spinsel met hun zijde extra te verstevigen en vergaan daarna op de grond.

 

Omdat deze vlinders slechts één generatie per jaar kennen komen de waardplanten er later in het seizoen meestal weer bovenop. Dit nieuwe blad dat in de zomer ontstaat noemt men Sint Jansschot of Sint Janslot.

spinselmotten castricum 05-2011 3002stippelmotten castricum 05-2011 3233spinselmotten castricum 05-2011 3237spinselmot castricum 05-2011 3014

lees verder...

Quasimodo

zondag, 1 mei 2011

quasimodoHet is vandaag quasimodo, de eerste zondag na Pasen. De tragische klokkenluider uit het prachtige boek van Victor Hugo kreeg deze naam van zijn pleegvader. De geestelijke Claude Frollo die hem op deze dag als vondeling op de trappen van de Notre Dame vond. Quasimodo was misvormd en de mensen in Parijs zagen hem daarom als een monster. Hij wordt verliefd op Esmeralde en ondanks dat hij haar redt als zij van moord wordt beschuldigd kan ze zijn uiterlijk maar moeilijk accepteren. In de vele filmversies geeft zij hem vaak een zoen, het boek is echter wat minder vergevend. Esmeralda blijft bang voor Quasimodo en is niet in staat om door zijn uiterlijk heen te kijken.

 

De benaming quasimodo gaat terug op de Bijbelspreuk waarin men wordt aangespoord om als pasgeboren kinderen te hunkeren naar het woord Gods: “quasimodo geniti infantes” (1 Petrus2:2). Het Latijnse quasimodo betekent “ongeveer”. Frollo vond de vondeling “un à peu près”, een ongeveertje.

lees verder...

Koninklijke Lederfabrieken Oisterwijk

zaterdag, 30 april 2011

koninklijke lederfabrieken oisterwijk 04-2011 6194Een wat oudere en overbekende Urbex-locatie waar wij de eerste keer zijn weggestuurd en de tweede keer niet inkwamen. Het geheel heeft meer weg van een strafinrichting dan van een fabriek. Zeker nu er overal dubbele rijen hekken omheen staan. We hebben slechts de helft van één gebouw kunnen verkennen dus de foto’s geven geen compleet beeld van de locatie.

 

klik hier voor foto’s van de Koninklijke Lederfabrieken Oisterwijk

lees verder...

Kiezels

zaterdag, 30 april 2011

Mijn hele leven raap ik al steentjes op. Ik stop ze meestal in mijn jaszak. Hier pak ik ze regelmatig vast, met mijn hand nog in mijn zak laat ik ze dan tussen mijn vingers rollen. Sommige draag ik maanden bij me voor ik ze vervang door een nieuwe. Al die tijd kan ik ze niet zien, alleen voelen. Maar als ik een nieuw steentje vind en de oude vervang haal ik hem uit mijn zak en zie hem dan weer als voor het eerst. Dat is altijd een bijzonder moment. Als je kunt zien wat je al zolang hebt gevoeld. Je ogen bevestigen wat je hand al wist, kiezels zijn prachtig.

kiezel 9713kiezel 9702-kiezel 9692kiezel 9697

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

lees ook heksenstenen

lees verder...

Ferdinand Bauer

zaterdag, 30 april 2011

Vroeger ging er met alle expedities een kunstenaar mee om de nieuwe flora en fauna vast te leggen. Deze kunstenaars waren zeker zo belangrijk voor het welslagen van een expeditie als de expeditieleider. Toch kennen we vaak alleen de namen van de expeditieleiders, de zogenaamde ontdekkingsreizigers. Zelden die van de kunstenaars die hen op hun reizen vergezelden.

 

Crab Ferdinand BauerEén van deze kunstenaars was Ferdinand Bauer. Hij werd geboren op 17 maart 1760 in Feldsberg (toen nog Oostenrijk). Als zoon van de hofschilder van prins Jozef Wenceslaus van Liechtenstein toonde hij al op jonge leeftijd een ongekend talent in het tekenen van planten. In 1801 ging hij als illustrator mee met een expeditie naar Australië. Hij was door Joseph Banks, die zowel botanicus als voorzitter van The Royal Society was, voorgedragen aan Matthew Flinders, de kapitein van de expeditie. Bauer en Flinders hebben in drie jaar tijd een groot gedeelte van Australië beschreven. Bauer maakte niet alleen ontelbare schetsen van de flora maar ook van veel, toen nog onbekende, dieren zoals de koala, de kangoeroe en de buideldas. Bij terugkomst in Engeland bleek Bauer geen graveur te kunnen vinden die in staat was om zijn extreem gedetailleerde tekeningen te reproduceren. Uiteindelijk besloot hij om dit dan maar zelf te doen. Hij kreeg echter maar een paar exemplaren van de 15 platen die hij uitgaf verkocht. Deze paar prenten zijn echter van zo’n extreem hoge kwaliteit en schoonheid dat ze in 1997 nog $125.000 Amerikaanse dollars opbrachten.

 

ferdinand bauerFerdinand Bauer wordt nu gezien als één van de allerbeste natuurillustrators. Hij tekende met een wetenschappelijke precisie. In het veld maakte hij zeer gedetailleerde potloodschetsen welke hij voorzag van een eigen kleurencode systeem. Elke kleurenschakering had een eigen nummer (tot vier cijfers toe). Omdat veel specimen vaak direct na hun dood hun originele kleuren verliezen zorgde dit systeem ervoor dat hij in relatief korte tijd een schets met de allerhoogste detaillering en de juiste kleuren codering kon maken. Later als hij aan zijn aquarel versie begon kon hij deze schets dusdanig uitwerken dat alle kleuren in hun juiste schakeringen werden weergegeven.

 

detail ferdinand bauer

Wat mij vooral in zijn werk aantrekt is de harmonieuze combinatie tussen het unieke en het specifieke. Omdat wetenschappelijke illustraties bedoeld zijn om een soort te kunnen identificeren worden de specimen unieke eigenschappen weggelaten en de soort specifieke overdreven. Dit leidt onherroepelijk tot een steriel en doods portret. Bij Bauer zijn schilderingen lijkt de natuur echter terug te kijken. Je voelt de verwondering en het respect dat hij voor zijn onderwerp heeft. Zijn schilderijen zijn geen kille wetenschappelijke illustraties. Het zijn bezielde portretten. Bauers tekeningen zijn ook op een eigenaardige manier tijdloos. Zijn werk wordt niet gekenmerkt door een stroming of tekenstijl. Ze zouden bij wijze van spreken gisteren gemaakt kunnen zijn. Zijn werk nodigt uit tot langer en beter kijken, wat wellicht het mooiste compliment is dat je het kunt geven.

lees verder...