Weblog

Gewone Kikkerschelp (Bufonaria rana)

woensdag, 11 december 2013

Gewone Kikkerschelp (Bufonaria rana)Kikkerslakken (Bursidae) danken hun naam aan hun wrattige paddenhuidachtige uiterlijk. Ze zijn nauw verwant aan de tritonhorens en leven in warm ondiep water. De Gewone kikkerschelp dankt zijn wetenschappelijke naam aan de padden (Bufo) en de kikkers (Rana). Hij wordt ongeveer 7,5 cm groot en is heel algemeen. Boven aan de mondopening ligt de diepe inkeping van het anale kanaal. Deze valt steeds samen met de vorige posities van dit kanaal en vormen twee grote vinnen aan beide zijkanten van de schelp.

lees verder...

De Campo del Cielo Meteoriet

woensdag, 4 december 2013

campo del cielo meteoriet 12-2013 8281In 1576 gingen de Spaanse bezetters  van Noord Argentinië op zoek naar de bron van ijzer waar de inlanders hun wapens van maakten. De expeditie vond op een locatie die door de inlanders “Piguem Nonralta” (veld van de hemel, SP. Campo del Cielo) werd genoemd een blok ijzer dat uit de bodem stak. Hoewel de inlanders beweerden dat dit het restant was van een stuk van de zon dat uit de hemel was gevallen dachten de Spanjaarden dat het de top van een ertsader was. Het ijzer bleek van buitengewone zuiverheid en de vindplaats werd in een vergeten document opgetekend. Pas in 1783 toen men met explosieven de grond om het blok heen weghaalde, kwam men erachter dat het hier niet om het topje van een ijzerader maar om een stuk massief ijzer ging. Nog steeds geloofde men echter niet dat het uit de hemel was gevallen en schreef men het toe aan een vulkanische eruptie. Pas toen men veel later enkele brokstukjes analyseerde en bleek dat ze uit 90% ijzer en 10% nikkel bestonden, geloofde men dat dit enorme blok ijzer inderdaad een meteoriet was.

 

In de regio lokaliseerde men later nog veel meer stukken ijzer die varieerden van 37 ton tot enkele grammen. Momenteel heeft men in totaal al meer dan 100 ton aan meteorietijzer uit de Campo del Cielo site gehaald. Dit maakt het de grootste meteoriet die men tot nu toe heeft gevonden. De grootste stukken lagen verspreid over een gebied van 60 km2 met meer dan 26 inslagkraters. Men vermoedt dat de meteoriet oorspronkelijk meer dan 4 meter in doorsnee was. Omdat er erg veel insluitingen in deze meteoriet zaten is hij waarschijnlijk in zoveel kleine delen uiteengevallen. Deze meteoriet is zo’n 4200 tot 4700 jaar geleden op Aarde terecht gekomen en is net als de meeste van dit soort ijzermeteorieten ongeveer 4,5 miljard jaar oud (4.500.000.000)  Hij is ontstaan toen de planeten zich in ons zonnestelsel begonnen te vormen en is afkomstig uit de Grote Asteroïdengordel tussen Mars en Jupiter.

 

Lees ook: De Sikhote-Alin meteoriet.

lees verder...

De Grote Wenteltrap (Epitonia scalare)

dinsdag, 3 december 2013

grote wenteltrap (epitonium scalare) 12-2013Deze 2,5 tot 7cm grote, gedraaide schelp was ooit één van de meest begeerde objecten ter wereld. In de 17e en het begin van de 18e eeuw stond hij bekend als extreem zeldzaam. Er waren er slechts drie bekend. Eén behoorde toe aan Cosimo de Medici, één aan de rijke Delftse verzamelaar Johan de la Faille en één aan een onbekende verzamelaar in Engeland. Er werden enorme sommen geld voor deze schelpen geboden én geweigerd. Zelfs toen men dankzij verbeterde duiktechnieken meer van deze schelpen vond, bleven ze gewild en kostbaar. Hoewel ze momenteel heel wat minder zeldzaam zijn hebben ze nog niets van hun allure en schoonheid verloren.

 

Volgens onbevestigde verhalen maakte men vroeger in China van rijspasta exacte kopieën die men als echt verkocht. Als een gelukkige verzamelaar zijn schelp daarna probeerde te wassen loste deze in het water echter weer op. Om die reden werden er regelmatig kleine stukjes van gekochte schelpen afgebroken om ze op echtheid te controleren. Momenteel zijn deze schelpen redelijk algemeen en zou men een klein kapitaal neerleggen voor een intacte kopie.

 

De schelp dankt haar Latijnse naam Epitonia scalare aan haar vorm, scalare betekent ladder of trap, het Franse woord voor trap, escalier is hier ook van afgeleid. De Engelse naam Precious wentletrap komt van het Middel-Nederlandse wendeltrappe. De tere windingen van deze schelp raken elkaar nergens. Ze zijn door rijen van axiale witte ribben (costae) met elkaar verbonden. Deze ribben zijn de uiteinden van de vroegere mondopeningen en liggen als de spijlen van een wenteltrap om de windingen.

 

Grote Wenteltrappen leven in de Indo-Pacifische wateren van de Japanse eilanden tot aan de Rode Zee. Ze voeden zich op zo’n 50 meter diepte op zandige en rotsachtige bodems met anemonen. Als de slak sterft, scheidt ze een paarse kleurstof uit. Er wordt wel gesuggereerd dat ze deze stof tijdens haar leven als verdovingsmiddel voor haar prooi gebruikt. Het zijn protandrische hermafrodieten die om zelfbevruchting te voorkomen als mannetje beginnen en daarna naar vrouwtje veranderen. De eieren worden in capsules gelegd en met zandkorrels bedekt. Deze capsules zijn aan een lange elastische draad die door de voet van het dier wordt gemaakt bevestigd.

 

Lees ook: Semper Augustus.

lees verder...

Edouard Martinet

vrijdag, 22 november 2013

martinet-1Geleedpotigen doen ons vaak denken aan blikken speelgoeddieren, complexe mechaniekjes tot leven gebracht door een opwindsleutel. Hun simpele gewrichten, harde pantser en mechanische manier van bewegen maken empathie en  antropomorfisme bijna onmogelijk. We kunnen ons hoogstens verwonderen over de delicaatheid en finesse van hun bouw en ons afvragen waar de vonk die dit machientje tot leven heeft gebracht vandaan komt. Geleedpotigen lijken uit een ander universum te komen, opgesloten in hun harnas bewegen ze zich onverstoorbaar en doelgericht door onze wereld.

 

martinet-4Veel kunstenaars hebben geprobeerd om deze fascinerende dieren na te bouwen, toch falen velen op het vlak van bezieling. Hoewel het ze lukt om de gewrichten en vormen van een pantser te reproduceren komen ze vaak niet verder dan een leeg en hol mechaniek. Een speelgoedbeestje zonder opwindsleutel.

 

martinet-3Edouard Martinet is de uitzondering op de regel. Hij bouwt dieren na zonder ze te kopiëren. Hij sloopt allerlei oude apparaten uit elkaar en combineert ze tot iets nieuws. Zijn dieren zijn geen doodse combinatie van losse onderdelen. Je kunt je haast niet voorstellen dat de typemachine-onderdelen, koplampen en fietskettingen ooit een ander nut hebben gehad dan in zijn mechanieken. Alles zit precies daar waar het hoort, hun vorige leven is vergeten. Zijn werk kenmerkt zich door een elegantie en helderheid van vorm die slechts door het origineel wordt benaderd. Hij soldeert niets, elk onderdeel is geschroefd. Hier wordt het geheel echt meer dan de som der delen en ergens tussen al deze boutjes en moertjes zit een ziel verstopt.

 

Lees ook: Claire Moynihans mottenballen.

lees verder...

De IJzeren Slak (Crysomallon squamiferum)

woensdag, 20 november 2013

Crysomallon squamiferumIn april 2001 vonden wetenschappers op 2400 meter diepte op de bodem van de Indische Oceaan een nieuw soort zeeslak. Men vond er zo’n twintig exemplaren aan de voet van een heetwaterbron. Uit deze zogenaamde heetwaterschoorstenen stroomt super heet water waarin veel zware mineralen en giftige stoffen zoals waterstofsulfide zijn opgelost. De IJzeren Slak (EN: Scaly Foot Gastropod) benut de zware metalen uit het water om zijn pantser te maken en is daarmee het enige dier dat wij kennen dat op deze manier gebruik maakt van ijzer. Sindsdien is ze het onderwerp van een uitgebreid wetenschappelijk onderzoek.

 

Deze 4cm grote nieuwe slakkensoort heeft een buitengewone bouw. Zijn voet is bedekt met harde ijzeren schubben en zijn huisje is zo ontzettend sterk dat het leger onderzoekt in hoeverre ze dit als uitgangspunt voor nieuwe bepantsering kunnen gebruiken.  De ijzeren schubben op zijn voet lijken nog het meeste op pyriet, zij beschermen de slak tegen roofdieren. Sommige andere slakken die bij deze schoorstenen jagen, gebruiken giftige pijlen om hun prooi te doden, deze korte pijlen kunnen echter niet door het sterke pantser van de IJzeren Slak heen. Het slakkenhuis zelf is uit drie lagen opgebouwd. De buitenste laag bestaat uit waterstofsulfide met greigiet en pyriet, de middelste laag werkt als schokbreker en lijkt nog het meeste op het periostracum dat vaak de buitenste laag van andere slakkenhuizen vormt, terwijl de binnenste laag van aragoniet is, een calciumcarbonaat dat je onder andere ook veel bij koralen vindt. Door deze constructie is dit slakkenhuis niet alleen enorm druk- maar ook hittebestendig. Hoewel deze slakken lijken op sommige gefossiliseerde exemplaren die honderden miljoenen jaren geleden leefden, blijkt uit DNA-onderzoek dat deze soort toch redelijk recent is ontstaan.

lees verder...

Zone Braams

zondag, 17 november 2013

zone braams 11-2013 7523Midden in het Belgische Pajottenland, ergens op een hoge plek, ligt een verlaten Navo communicatiecentrale. Dit gebied is al sinds de Romeinen een strategische locatie en de bevolking is van oudsher bekend met een militaire aanwezigheid. Deze antenne werd in 1969 geplaatst en heeft meer dan veertig jaar lang samen met een netwerk van 21 andere militaire communicatiecentra de onderlinge communicatie tussen de Navo-landen verzorgd, de faciliteit was echter hopeloos verouderd, in één gebouw was zelfs geen stromend water. De Navo investeert nu 37,2 miljoen euro om dit informatieknooppunt te moderniseren. De bestaande antenne verdwijnt en een nieuw gebouw met een multi-antenne satelliet komt er voor in de plaats. Voor deze ene antenne krijgt men er straks vier terug. Samen met het communicatiecentrum in Verona verzorgt deze nieuwe faciliteit dan de militaire communicatie tussen de Navo landen.

 

zone braams 11-2013 7589Je ziet de grote witte golfbal van de schotelantenne al van ver in het landschap liggen. Hij is groter dan je zou denken en balanceert boven op een plat en laag gebouw. Vrijwel alles uit deze gebouwen is al verdwenen, afgezien van wat oude bouwtekeningen en hopeloos verouderde computerschermen zijn alle kamers leeg. Er zijn nog wel wat sporen van tijdelijke bewoning, een vies matras, wat lege wijnflessen en enkele pin-up foto’s, maar ook deze bewoners zijn nu vertrokken. Via een kleine trap kun je vanuit de gebouwen naar boven de bol in. Het licht valt hier gefilterd en geel door het doek van de bol op de vrijwel intacte schotelantenne. Deze heeft net genoeg ruimte om vrij te kunnen draaien. Dit is een locatie waarvan het interessanter is om er geweest te zijn dan om er foto’s te maken. Er zijn al aardig wat fotografen op afgekomen, maar (bijna) iedereen neemt hier dezelfde foto’s. Het is daarmee meer een statement geworden, een soort van internetgraffiti voor fotografen, “klik, ik ben hier geweest..”

 

Klik hier voor meer foto's van Zone Braams.

lees verder...

Wintercircus Gent

woensdag, 13 november 2013

wintercircus 11-2013 7399Toen in Gent in 1878 de oude katoenfabriek van den Kerckhove afbrandde, bouwden men op dit terrein een nieuwe evenementenhal. Dit Wintercircus of Nieuwe Circus zorgde er jaren lang voor dat veel beroemde attracties naar Gent kwamen. Helaas brandde ook dit gebouw af. Wederom werd er een nieuw en groter circus gebouwd, ditmaal bood het zelfs plaats aan 3400 personen. Men gebruikte het niet alleen voor circusvoorstellingen maar ook voor revues, variété programma’s en filmvoorstellingen. Het sloot in 1944 zijn deuren en het gebouw werd daarna nog lange tijd als parkeergarage gebruikt door de familie Mahy. Momenteel staat het leeg en op de agenda om opgeknapt te worden. Toen wij er waren, kwamen we al enkele mensen van een architectenbureau tegen, dus het lijkt erop dat men dit nu ook serieus gaat aanpakken.

 

Het gebouw zelf is helemaal gestript. De olieputten, opritten en rondgangen om het gebouw getuigen nog van de tijd dat het als garage werd benut, maar van het gebruik als circus is weinig meer te zien. Het is een lege betonnen steenpuist midden in het kloppende hart van Gent. Het zal nog heel wat voeten in aarde hebben voor men hier weer het gelach van duizenden mensen zal horen.

 

Klik hier voor meer foto's van het Wintercircus

lees verder...

Chateau de Loup

vrijdag, 8 november 2013

chateau de loup 11-2013 7258In een klein parkje in België, vlakbij een vijvertje met een brug, ligt een klein kasteel. Dit luxe landhuis is in 1913 door een rijke industrieel gebouwd en staat sinds 2001 op de monumentenlijst. Het wordt gerestaureerd en er zijn al aardig wat draagbalken in het dak vervangen. Hoewel er al veel van waarde uit dit kasteeltje is verdwenen oefent het nog steeds een bijna onweerstaanbare aantrekkingskracht op fotografen uit. In de ruime ontvangsthal staat een mooie marmeren gedraaide trap, die van de rijkdom en praalzucht van de oorspronkelijke eigenaar getuigt. Achter deze trap bevint zich een glas-in-lood raam dat wonder boven wonder nog helemaal intact is. Meer nog dan het gebouw zelf is deze trap de reden dat er al jaren veel urbexers op deze locatie afkomen.

 

Klik hier voor meer foto's van Chateau de Loup.

lees verder...

L'inconnue de la Seine

dinsdag, 5 november 2013

inconnue de la seineAls je in de tweede helft van de negentiende eeuw langs de Seine naar de Notre Dame liep, kwam je langs het Parijse mortuarium. Daar lagen achter een etalageruit meestal meerdere gekoelde lijken ter identificatie opgebaard. Het was de normaalste zaak van de wereld om daar, voor een kerkbezoek even te gaan kijken. Elke dag liepen er duizenden mensen langs en in die tijd was er geen etalage die zoveel bekijks had als die van het Parijse mortuarium. In 1880 werd hier het lichaam van een jonge vrouw, wiens lijk men uit de Seine had gevist, getoond als “ecadavre inconnu”. Waarschijnlijk was ze niet veel ouder dan 16 jaar en omdat er geen wonden op haar lichaam werden gevonden ging men ervan uit dat ze door zelfmoord om het leven was gekomen. Iets wat voor die tijd niet ongewoon was, er werden zeer regelmatig lijken uit de Seine gehaald. Het leek er op dat ze geen familie of vrienden had, want er kwam niemand om haar te identificeren.

 

De patholoog die haar had onderzocht was zo onder de indruk van haar schoonheid en haar geheimzinnige glimlach dat hij van haar gezicht een afgietsel liet maken. In de jaren daarna werd dit dodenmasker nog vele malen gekopieerd en kwam de dode jonge vrouw bekend te staan als l’inconnue de la Seine. Er ontstond een vraag naar deze maskers, veel mensen speculeerden over haar leven en vroegen zich af waarom zij haar dood met zo’n warme glimlach had verwelkomt. Haar gezicht is voor veel kunstenaars een inspiratie geweest. Zo verscheen ze in een gedicht van Nabokov, foto’s van Man Ray en heeft ze model gestaan voor een hele generatie van jonge Duitse vrouwen.

 

Asmund Sigurd laerdal, een speelgoedmaker en pionier in zachte plastics, zag een replica van haar gezicht bij vrienden aan de muur hangen en besloot om het te gebruiken voor de reanimatiepop waar hij voor Dr. Peter Safar aan werkte. Deze Dr. Safar publiceerde in 1958 een scriptie waarin hij een combinatie van mond-op-mondbeademing met borstcompressie als reanimatiemethode aanraadde en had Laerdal in dienst genomen om een levensechte pop te ontwikkelen waar men deze technieken op kon beoefenen. In 1960 werd Resusci Annie, s ’werelds allereerste CPR-pop waar je kunstmatige ademhaling op kon oefenen, geïntroduceerd. Zo kreeg l’inconnue de la Seine niet alleen een naam maar heeft ze er indirect ook voor gezorgd dat er talloze mensen van de verdrinkingsdood zijn gered.

 

L’Inconnue de la Seine

Vladimir Nabokov

 

Urging on this life’s denouement,

loving nothing upon this earth,

I keep staring at the white mask

of your lifeless face.

 

Strings, vibrating and endlessly dying,

with the voice of your beauty call.

Amidst pale crowds of drowned young maidens

you’re the palest and sweetest of all.

 

In music at least linger with me!

Your lot was chary of bliss.

Oh, reply with posthumous half-smile

of your charmed gypsum lips!

 

Immobile and convex the eyelids.

Thickly matted the lashes.  Reply—

can this be for ever, for ever?

Ah, the way they could glance, those eyes!

 

Touchingly frail young shoulders,

the black cross of a woolen shawl,

the streetlights, the wind, the night clouds,

the harsh river dappled with dark.

 

Who was he, I beseech you, tell me,

your mysterious seducer?  Was he

some neighbor’s curly-locked nephew

of the loud tie and gold-capped tooth?

 

Or a client of star-dusted heavens,

friend of bottle, billiards, and dice,

the same sort of accursed man of pleasure

and bankrupt dreamer as I?

 

And right now, his whole body heaving,

he, like me, on the edge of his bed,

in a black world long empty, sits staring

      at a white mask?

 

—Berlin, 1934

lees verder...

Duiven in de stad

dinsdag, 29 oktober 2013

duiven in de stad 7036Veel mensen verfoeien ze en proberen ze met allerlei scherpe punten van hun balkonnetjes en vensterbanken te weren. Stadsduiven zijn geen onverdeeld genoegen. Terwijl de winkeliers ze wel kunnen schieten vanwege de vogelpoep die ze op hun gevels achterlaten worden ze op het stadsplein door de bejaarden gevoerd. Duiven horen bij mijn beeld van een stad. Ik kan me geen Amsterdam of Antwerpen zonder duiven voorstellen. Eén van mijn vroegere herinneringen betreft het gekoer van duiven. Een rustgevend, melancholiek geluid dat me ‘smorgens vroeg voorzichtig voorbereide op de dag. En ook nu nog, als ik tijdens een wandeling ineens het geklap van duivenvleugels hoor, voelt dat juist. Van alle dieren die er met de mensen mee naar de steden zijn getrokken is er geen eentje die zich zo sterk in ons beeld van een stad heeft genesteld.

lees verder...