Weblog

Zonnende boomkikkers (Hyla arborea)

zondag, 17 september 2017

boomkikker (Hyla arborea) 9-2017 3932In tegenstelling tot veel andere kikkers schuwen boomkikkers het daglicht niet, in tegendeel ze laden zich graag in het zonnetje op. Nu het buiten flink begint af te koelen en veel van de bramenbladeren herfstkleuren krijgen, proberen de boomkikkers in de Brand nog zoveel mogelijk zonnewarmte op te nemen. Met hun poten onder zich gevouwen, om zo’n klein mogelijk huidoppervlak aan de lucht bloot te stellen, proberen ze vochtverlies door verdamping zoveel mogelijk te beperken. Ze lijken dan veel op de in aluminiumfolie verpakte chocoladekikkers die we vroeger tijdens Sinterklaas kregen. Terwijl ze zonnebaden, doen ze een dutje en bewegen ze zich zo min mogelijk. Straks, als de temperatuur verder daalt en het zonlicht sterk afneemt, zoeken ze een veilig plekje voor hun winterslaap. Ze verstoppen zich dan onder een stronk of onder de strooisellaag en komen daar pas weer tijdens het begin van het voorjaar uit.

boomkikker (Hyla arborea) 9-2017 3928boomkikker (Hyla arborea) 9-2017 3893boomkikker (Hyla arborea) 9-2017 3898

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lees ook: Boomkikkers.

lees verder...

Pad in het zand (Bufo bufo)

zondag, 17 september 2017

gewone pad (bufo bufo) 9-2017 3745Vlak na zonsondergang was ik naar de Loonse en Drunense duinen gegaan om spinnen te fotograferen. Terwijl het langzaam lichter werd en de zon net over de horizon kwam, zag ik een kleine pad een duinpan oversteken. Padden bewegen zich nooit echt snel, maar deze jongen had er duidelijk moeite mee. Het had de hele nacht ervoor keihard geregend en het doorweekte stuifzand leek nu net Brinta. Het kleefde aan zijn poten en plakte aan zijn buik. Maar met een onvermoeibare volharding ploegde hij zich een pad door het zand.

gewone pad (bufo bufo) 9-2017 3738

lees verder...

Irisatie bij een zwarte ooievaar (Ciconia nigra)

zondag, 17 september 2017

zwarte ooievaar (Ciconia nigra) 7-2017 2989Veren van vogels hebben vaak de meest uitzinnige kleuren en hoewel deze veelal door pigmenten in de veren zelf worden veroorzaakt, zijn er ook veel vogels met iriserende (of iridiserende) veren. Deze veren, zoals o.a. bij eksters, woerden en pauwen, veranderen van kleur afhankelijk van welke kant je ze bekijkt en glanzen met alle kleuren van de regenboog. Die iriserende kleuren worden in dat geval niet veroorzaakt door pigmenten, maar door meervoudige reflecties op de structuur van de veren. Omdat deze veren vaak meerdere gedeeltelijk transparante structuren met verschillende diktes hebben, reflecteren ze het licht van beide kanten van deze doorzichtige oppervlakken. Afhankelijk van de hoek waaronder je kijkt, kunnen de golflengtes van deze gereflecteerde kleuren elkaar versterken of verzwakken. Hierdoor veranderen de waargenomen kleuren van de veren continue. In 1665 toonde Robert Hooke met een simpel experiment aan dat de iriserende kleuren van een pauwenveer niet door pigmenten werden veroorzaakt. Door de veer onderwater te houden, verdween de irisatie, wat natuurlijk niet zou gebeuren als de kleuren door pigmenten werden veroorzaakt.

 

Zwarte ooievaars zijn wat kleiner en schuwer dan hun witte neven. Oorspronkelijk broedden ze ook in Nederland, helaas zijn ze sinds de 19e eeuw, toen bij ons veel natte overbossen verdwenen, vertrokken en zijn er sindsdien geen broedparen meer gesignaleerd. Wij bevinden ons nu net buiten de Noordwestelijke rand van hun broedgebied, maar tijdens de doortrek worden er in Nederland nog regelmatig zwarte ooievaars gesignaleerd. Deze zwarte ooievaar is bij de Beekse Bergen gefotografeerd.

 

Lees ook: Klepperende ooievaar (Ciconia ciconia) en De oxymoron zwarte zwaan (Cygnus atratus).

 

lees verder...

De transformatie van een dagpauwoog (Aglais io)

zaterdag, 9 september 2017

dagpauwoog (Aglais io) 8-2017 3438Dagpauwogen behoren tot de schoenlappers. De onderkanten van de vleugels van deze vlinders zijn, op een paar vlekjes na, overwegend bruinzwart van kleur en staan in fel contrast met de fraaie kleuren van de bovenkant van de vleugels. Ze danken hun naam aan het feit dat opgelapte schoenen er vroeger ook zo donker gevlekt uitzagen. Men plakte op oude schoenen namelijk kleine stukjes leer op de doorgesleten gaten. Maar omdat het lastig was om leer van dezelfde kleur te vinden, zagen deze schoenen er duidelijk “opgelapt” uit.

 

rups dagpauwoog (Aglais io) 8-2017 3362Zoals de rupsen van de meeste schoenlappers leven die van dagpauwogen ook op brandnetels. Eerst gezellig bij elkaar maar later, na hun laatste vervelling als rups, verspreiden ze zich en vlak voor ze verpoppen, zoeken ze een takje of een steen op om zich aan te bevestigen. Deze rups had zich in onze tuin aan zo’n takje vastgemaakt. Hieraan maakte hij een klein spinselkussentje waar hij zich met zijn naschuivers aan vastzette en er ondersteboven aan ging hangen. Na zo een kleine twee dagen onbeweeglijk te hebben gehangen, barstte hij uit zijn vel en kwam de pop tevoorschijn. De huid van deze pop groeit onder de huid van de rups en als de rups uit zijn oude rupsenhuidje is gebarsten, stroopt hij dat met draaiende en golvende bewegingen van zich af. Het laatste stukje is het moeilijkst, want dan moet hij zich vanuit zijn rupsenhuidje met de haakjes aan het uiteinde van de poppenhuid aan het spinselkussentje vasthaken. Als dit niet lukt, valt hij op de grond en is hij verloren, meestal gaat het gelukkig goed.

 

pop dagpauwoog (Aglais io) 8-2017 3381-pop dagpauwoog (Aglais io) 8-2017 3401De nieuwe huid van de pop is eerst nog zacht en doorschijnend en de pop ziet er dan nog glanzend groen uit. Als snel verhardt deze huid en kleurt donkerder met kleine zwarte vlekjes en lijntjes. De pop heeft twee hoorntjes, waar zijn tongtasters zich vormen en een aantal felgekleurde stekels op zijn buikzijde. In de lijnen op de pop kun je al de onderdelen van het vlinderlichaam onderscheiden, zoals de achterlijfssegmenten, de vleugels, de antennes, de ogen en de uitgerolde tong. In deze poppenhuid zit een voor geprepareerde breuklijn, waar de vlinder de poppenhuid uiteindelijk laat barsten. Nadat de rups is verpopt, verteert hij zijn eigen lichaam, enzymen breken het rupsenlijfje af, tot er een organische soep met wat ronddrijvende onderdelen van overblijft. De darm, een gedeelte van het zenuw- en ademsysteem en clusters imaginale cellen blijven intact. Deze imaginale (of imaginaire) cellen bevonden zich al in het lichaam van de rups en groeien binnen de pop uit tot alle onderdelen die de vlinder nodig heeft. Ze gebruiken de proteïnerijke soep in de pop om zich razendsnel te vermenigvuldigen en vormen o.a. de antennes, vleugels, ogen en genitaliën en transformeren hierdoor de rups in een vlinder. Hoewel het leven en de vorm van de rups niets heeft te maken van zijn leven als vlinder, blijft er wonderwel toch iets van bewaard. Gedeeltes van het zenuwstelsel blijven namelijk wel intact, wat er hoogstwaarschijnlijk voor zorgt dat sommige dingen die een rups had geleerd, ondanks dat deze tot op celniveau werd afgebroken, toch door de vlinder worden onthouden. 

 

pophuid dagpauwoog (Aglais io) 8-2017 3460Na een kleine twee weken wordt de huid van de pop dunner en transparant en kun je de kleuren en tekening van de vlindervleugels eronder er doorheen zien schijnen. Op een gegeven moment, meestal vroeg in de ochtend, neemt de vlinder een diepe ademteug en barst de naad in de pop open. Binnen slechts enkele minuten worstelt de nieuwe vlinder zich dan uit zijn oude poppenhuid en hangt zich daaronder te drogen. Door bloed in de aderen van zijn vleugels te pompen, blaast hij ze op tot hun volle glorie. Daarna laat hij ze nog even goed drogen en vliegt hij zijn nieuwe leven tegemoet.

 

Deze hele metamorfose is een zeer energievretend proces en gedurende de transformatie van rups tot vlinder, verliest het diertje bijna de helft van zijn gewicht. Gedurende de tijd dat hij in de pop zit kan hij niet poepen en net als een pasgeboren baby is dat één van de eerste dingen die hij doet als hij tevoorschijn komt. Onder een net uitgekomen pop vind je vaak een klein roodbruin plasje, het meconium, waarin alle afvalstoffen van de transformatie in een plasje water zijn opgelost. Als je de vlinder nu zou wegen heeft hij nog maar de helft van het gewicht dat hij had als rups.

 

Hoewel ik de rups en de pop ondersteboven hangend aan het takje heb gefotografeerd, heb ik helaas zowel het afstropen van zijn rupsenhuidje als het daadwerkelijke uitbreken uit de cocon op een paar minuten na gemist. Toen ik op een ochtend net na zonsopgang ging kijken of hij al was ontpopt, hing de nieuwe vlinder al volledig uitgevouwen onder de pop.

 

Lees ook: Vlinderpoppen, Koninginnepage (Papilio machaon), (2), (3) en Gammauil (Autographa gamma).

 

lees verder...

Leugentje om bestwil

zaterdag, 9 september 2017

Laatst was ik ergens op bezoek, waar de dame des huizes speciaal voor mij haar befaamde huisschotel had bereid. Een uniek gerecht dat ze altijd maakt, meestal na lang aandringen, als er een speciale gelegenheid is. Het werd mij dan ook voorgeschoteld als heel bijzonder. Terwijl de mater familias mij met licht toegeknepen oogjes aankeek, als een diva die klaar stond haar ovatie in ontvangst te nemen, nam ik een hap. Waarschijnlijk verraadde mijn gezicht mijn verassing, want de nauw oplettende oogjes werden nog een fractie verder dichtgeknepen. Men had gelijk, niets had me hier op kunnen voorbereiden. Het was echt bijzonder goor. Alleen kreeg ik het niet over mijn hart om dat te zeggen. Dus zij ik: mmm, lekker, heel bijzonder… en schepte ze stralend nog een portie op mijn bord.

 

Waarschijnlijk heeft dit scenario zich zo al honderden malen afgespeeld en durft niemand deze dame te teleurstellen. Elk leugentje draagt daarbij onwillekeurig bij aan de mythe van het gerecht en het leed van anderen. Wie nu nog durft beweren dat een leugentje om bestwil geen kwaad kan, wil ik graag het recept geven.

lees verder...

De Zeppelintribune in Neurenberg

dinsdag, 5 september 2017

zeppelintribune neurenberg 7-2017 9500In Neurenberg staat nog steeds het restant van de Zeppelintribune, het grootste reliek uit de Nazitijd, waar veel van de partijdagen werden gehouden.  Oorspronkelijk boden de Zeppelintribune en het daaraan gelegen Zeppelinfeld plaats aan 320.000 bezoekers. Het was één van de eerste werken die Albert Speer voor de Nazi’s ontwierp en het was sterk geïnspireerd op het altaar van het Griekse Pergamon. Het stond symbool voor de grandeur en de macht van de Nazi’s en wordt nog steeds gezien als exemplarisch voor hun architectuur. 

 

Bild 183-C12701Het ontwerp van Speer was wellicht niet bijster origineel, het gaf wel blijk van een groot theatraal inzicht. Hij liet in 1933, toen het complex nog niet helemaal af was, om de 12 meter een anti-vliegtuig zoeklicht plaatsen en deze recht omhoog schijnen. De in totaal 152 kaarsrechte bundels licht schoten vanaf hun 1,5 meter brede reflectoren kilometers hoog de hemel in en bakenden het terrein van de omgeving af. Je kunt Speer in dit geval beter zien als een regisseur dan alleen als een architect. Door gebruik te maken van de nachtelijke setting en deze spectaculaire lichtbundels wist hij op geniale wijze te spelen met het effect dat dit op de vele toeschouwers zou hebben. Speer noemde dit zijn kathedraal van licht (lichtdom) en omschreef het effect als een immense ruimte, waarbij de lichtstralen als machtige pilaren het oneindige inschoten.

 

nuremberg-rallyDeze zoeklichten werden door Speer van de Luftwaffe geleend. Hoewel Göring daar in het geheel niet blij mee was, het was vrijwel hun gehele voorraad, besloot Hitler dat het niet alleen noodzakelijk was, maar dat het andere landen zelfs het idee kon geven dat Duisland zoveel zoeklichten had, dat ze deze makkelijk voor deze meetings konden missen. Wat zowel Speer als Hitler echter heel goed begrepen,  was het dramatische effect en de boodschap van macht die van deze opstelling uitging. 

 

Het hele complex bleef tijdens de oorlog redelijk intact en werd in 1945 door de Amerikanen ingenomen. Hier hielden zij op 22 april hun overwinningsparade en bliezen ze het enorme swastika-symbool, dat boven op de tribune prijkte, op. Deze daad stond symbolisch voor het einde van het Nationale Socialisme. In 1967 haalde de stad Neurenberg de pilaren-galerijen aan de zijkanten neer omdat deze niet meer veilig waren. Enige jaren later volgden beide zijtorens. Momenteel ligt het oorspronkelijke toonbeeld van het nationaalsocialisme er vervallen bij en gaan er stemmen op om het te laten restaureren. Dit zou de stad Neurenberg ruim 70 miljoen euro gaan kosten, maar velen vinden het niet alleen zonde van het geld, zij menen ook dat een dergelijk gebouw het verdient om tot een ruïne te vervallen. Zij zouden veel liever zien dat men van het terrein een groot park maakte.

 

zeppelintribune neurenberg 7-2017 9504zeppelintribune neurenberg 7-2017 9512zeppelintribune neurenberg 7-2017 9508zeppelintribune neurenberg 7-2017 9507Toen wij de wandeling van het Dokumentationszentrum Reichsparteitagsgelände naar het Zeppelinsfeld maakten, was het somber en druilerig weer. De straten waren nagenoeg verlaten en voor het lege veld stonden betonblokken en prikkeldraadhekken. Afgezien van een groep scholieren op excursie, kwamen we niemand tegen. De tribune lag er kaal en verlaten bij. Het was moeilijk voor te stellen dat het nog maar amper 80 jaar geleden was dat hier meutes mensen uit volle borst Nazi-leuzen scandeerden, dat men hier massaal de ideologie aanhing, die zo onnoemelijk veel leed heeft veroorzaakt.

 

Elke cultuur, zelfs zo’n verwerpelijke als die van het nationaalsocialisme, brengt zijn eigen kunstwerken voort. Vaak worden deze echter pas veel later erkend, pas als er genoeg tijd overheen is gegaan om het geleden leed te verzachten. Zelfs een geaccepteerde cultuur, zoals de Romeinse heeft voor veel verschrikkingen gezorgd, toch bezoeken we nu massaal het Colosseum en onderzoeken we dit verleden in de hoop ons heden beter te begrijpen. Als na de val van het Romeinse Rijk al diens cultuuruitingen waren vernietigd, zou onze geschiedenis en ons begrip daarvan veel minder rijk zijn. De lichtdom van Albert Speer was in mijn optiek een meesterwerk en exemplarisch voor de nazi-cultuur, het is alleen zo buitengewoon moeilijk om dit gebouw los te zien van de afschuwelijke praktijken van de nazi’s. Ik kan me dan ook goed voorstellen dat veel mensen het willen laten vervallen. Het zou voor het verleden zelf echter geen verschil maken, voor de toekomst en voor hun kennis van dit verleden kan het echter wel heel waardevol zijn. Misschien moet het alleen daarom al worden bewaard.

lees verder...

Het opgezette nijlpaard in La specola ((Ippopotamo di Boboli))

dinsdag, 29 augustus 2017

hippo specola 8-2017 1454Volgens de verhalen, en de uitleg van het Natuurhistorische Museum La Specola in Florance, heeft Cosimo III de Medici (1642-1723) tegen het einde van de 17e eeuw een levend nijlpaard cadeau gekregen. Hij had een eigen menagerie en dit nijlpaard zou in de belendende Boboli tuinen van het Pitti paleis hebben geleefd, waarbij het in de fontein voor het paleis zou hebben gebadderd en gevoerd zou zijn. Na zijn dood zou zijn huid zijn opgezet en zijn toegevoegd aan het curiositeitenkabinet van Cosimo. Althans zo gaan de verhalen, ik heb daar echter mijn twijfels over.

 

hippo specola 8-2017 0709Tot ver in de 19e eeuw, was het nijlpaard het zeldzaamste dier in Europa, het was namelijk buitengewoon moeilijk om een levend kalfje te vangen én dit tijdens het lange transport in leven te houden. Een levend nijlpaard zou in de 17e eeuw dan ook een enorm opzien hebben gebaard, minimaal vergelijkbaar met het Olifantje Hansken. Toch zijn er geen schetsen of tekeningen van dit levende nijlpaard overgebleven en ook zijn er geen beschrijvingen, literair of wetenschappelijk, van dit nijlpaard bekend. Daarnaast is het overduidelijk dat degenen die dit nijlpaard hebben opgezet, het nooit in levende lijve hebben gezien. Ik acht de kans daarom groter dat Cosimo de losse huid van een nijlpaard cadeau heeft gekregen en dat men daarna naar eer en geweten heeft geprobeerd dit op  te zetten zodat Cosimo het kon toevoegen aan zijn collectie. Het romantische beeld dat dit nijlpaard voor het paleis in een fontein zou hebben geleefd, voegt wat romantiek toe aan het verhaal en maakt dat het meer gaat leven.

 

hippo specola 8-2017 1461Het inmiddels beroemde nijlpaard in La Specola (Ippopotamo di Boboli)  heeft een houten schedel en houten tanden, het was nog niet volwassen en draagt tekenen van een touw of ketting dat om de nek was gesnoerd. Het heeft dus hoogstwaarschijnlijk wel langere tijd in gevangenschap geleefd. Het is echter neergezet als een roofdier, met zijn grote bek open, klaar om een prooi te verzwelgen. Het feit dat men toen dacht dat nijlpaarden roofdieren waren wordt bevestigt door de beschrijving die Targione Tozetti, voor de opening van La Specola, van de inventaris van het curiositeitenkabinet maakte: “De reproductie is compleet, een gedroogde en opgevulde huid, welke het dier in zijn natuurlijke pose toont, met de bek open en de tanden in hun natuurlijke positie. Deze tanden zijn als oud ivoor en vergeeld, en lijken op die van een zwijn”. Vervolgens stelt hij dat het nijlpaard dus wel een carnivoor moet zijn: “het heeft grote hoeveelheden voedsel nodig en gezien de structuur van de tanden lijkt het me een carnivoor”. Het is dus niet geheel ondenkbaar dat de eminente Tozetti, ten tijde van zijn beschrijving, nog niet op de hoogte was van de juiste positie van het nijlpaard binnen het dierenrijk en tevens nog nooit een levend nijlpaard had gezien.

 

hippo specola 8-2017 1451hippo specola 8-2017 1456Iets wat, zoals gezegd, ook gold voor degenen die het nijlpaard hadden opgezet. Zij hebben de poten van het nijlpaard bij het prepareren zo gedraaid dat het als een zoolganger (plantigrade), wordt neergezet, dus met de hele voet vlak op de grond. De huidige beschrijving van het museum bij dit nijlpaard onderkent dat men destijds deze preparatie-fout heeft gemaakt. Helaas maakt het op de begeleidende tekst bij het nijlpaard een vergelijkbare fout door aan te geven dat nijlpaarden eigenlijk teengangers (digitigraden) zijn, en dus net als honden en katten op hun teenkootjes zouden lopen. Nijlpaarden zijn echter hoefgangers (unguligraden) en lopen net als olifanten en paarden op de toppen van hun tenen. Een nijlpaard heeft echter geen hoef, zoals een paard, maar loopt net als een olifant op een zacht kussen. Zo’n fout is makkelijk gemaakt.

 

Lees ook: Hansken de olifant.

lees verder...

Storm voor de Galleria Vittorio Emanuele II in Milaan

zondag, 27 augustus 2017

galleria vittorio emanuele 8-2017 1730Afgelopen maand was ik in Milaan en begon het na weken van ondraaglijke hitte eindelijk te regenen. Eerst kleurde de lucht geel, daarna naam de wind toe en werd het midden op de dag donker. Nadat alle lantaarns aangingen leek het alsof er een golf over het Piazza del Duomo sloeg. Het kwam met bakken naar beneden en de harde wind trok enkele van de spandoeken voor de Galleria van de gevel af. Iedereen vluchtte naar binnen en de harde wind joeg de regen tot ver in het overdekte centrum. Binnen een paar minuten stond alles blank. Terwijl vrijwel iedereen zich naar het midden van de Galleria begaf, zag ik nog twee laatkomers aan komen rennen.

lees verder...

Meiocardia moltkiana

zondag, 27 augustus 2017

Meiocardia moltkiana 5-2017 0845Meiocardia moltkiana 5-2017 0848Meiocardia moltkiana 5-2017 0849Deze schelp behoort tot de Glossidae, de hartschelpen, waar ook veel fossiele schelpen toe behoorden. Momenteel zijn er echter nog maar een paar soorten van over. Ze hebben fraaie getordeerde vormen en lijken van de voorkant enigszins op een hart. Het uitmondige ligamet van deze Meiocardia is rood en beide umbro’s zijn sterk naar voren gebogen. De rugzijde heeft een kielvormige hoek en vanaf de gedraaide toppen loopt een concentrisch gegroefde structuur over de schelp naar beneden. Ze zijn wit tot crème geel en worden tussen de 3,5 en 4 cm groot. Deze schaarse schelpen komen uit de Westelijke Grote Oceaan.

lees verder...

Hansken de olifant

zondag, 20 augustus 2017

Hansken Specola 8-2017 1331In La Specola, het prachtige Natuur Historische museum in Florence, staat het skelet van de beroemdste olifant ter wereld. Midden in de skelettenhal op een laag houten voetstuk staat het samengestelde skelet van de eerste Indische olifant die door de wetenschap is beschreven. In 1664 werd dit skelet eerst door John Ray en later in 1758 door Carl Linneus voorzien van zijn huidige wetenschappelijke naam: Elephas maximus. Hiermee werd deze olifant het eerste beschreven specimen van haar soort en dus het wetenschappelijke holotype.

 

Hansken Specola 8-2017 1333Maar Hansken was al beroemd voor haar dood, zij was de eerste Indische olifant die vrij door Europa rondreisde en tentoon werd gesteld. Ze was in 1630 in Ceylon geboren en werd via de VOC in 1632 naar Holland verscheept als geschenk voor de stadhouder Frederik Hendrik van Oranje. Bij haar aankomst werd ze aan het publiek tentoongesteld en maakte ze meteen furore, mensen kwamen van heinde en ver om haar te kunnen zien. Hansken was hierbij meerdere malen in Amsterdam en Rembrandt heeft haar daar minimaal twee maal getekend.

 

In 1636 werd Hanksen twee keer, voor grote bedragen, doorverkocht en kwam uiteindelijk in het bezit van Cornelis Jacobsz Groenevelt. Deze toerde met haar langs de grote steden van Europa, zo was Hansken te zien in Nederland, Denemarken, Duitsland, Polen, Frankrijk en Zwitserland. Al die tijd vermaakte ze toeschouwers met kunstjes, zoals het afvuren van een pistool, het zwaaien met een sabel, het afnemen van een hoed en, zoals vaak bij getemde dieren, het maken van een buiging en netjes met de poten opzitten.

 

Gedurende haar leven werd er aardig met haar gesold, ze werd ter vermaak regelmatig dronken gevoerd, hordes kinderen klommen op haar slurf en nek en ze kreeg een veel te eenzijdige voeding. Ze ontwikkelde hooibuik en haar nagels groeiden uit. ’s Nachts en tussen de voorstellingen door stond zij aan de ketting en kon ze zich amper bewegen en gedurende haar lange verblijf in Europa heeft zij nooit een soortgenoot gezien. In die tijd bekommerde men zich amper om het welzijn van dieren en Hansken werd dan ook alleen als een bron van inkomsten en vermaak gezien.

 

Hansken Specola 8-2017 1335Hansken is uiteindelijk te voet, met de bagage en haar begeleider op haar rug, via Zwitserland de Alpen overgestoken en bereikte in 1654 Italië. Daar overleed ze op 9 november 1655 op 25 jarige leeftijd aan een ontstoken nagel. Na haar dood verkocht Groenevelt haar lijk voor 100 gouden munten aan Ferdinando II de Medici. Deze wilde het graag hebben voor zijn museum. Nu, ruim 3,5 eeuw later, staat Hansken daar nog steeds, als trofee in de collectie van La Specola. Toch is Hansken veel meer dan alleen een curiositeit, ze was een levend dier, met een eigen karakter en een eigen geschiedenis. Ze staat , net als tijdens haar leven, alleen en op een podium als testament en voorbeeld van haar soort. Een aantal van haar botjes zijn door de jaren heen verloren gegaan en vervangen door houten kopieën, welke nu langzaam door houtworm worden verteerd.

 

Lees ook: Verzien.

lees verder...